Een fietsband vervangen doe je zelf in zo’n tien tot twintig minuten, zonder speciale kennis of duur gereedschap. Of je nu een lekke binnenband wilt wisselen of een versleten buitenband wil vervangen: de stappen zijn vergelijkbaar en goed te doen voor iedereen. Hieronder vind je een duidelijk stappenplan voor beide situaties.
Wat heb je nodig?
Zorg dat je dit bij de hand hebt voordat je begint:
- Bandlichters (twee of drie stuks, los te koop voor ongeveer 1 à 2 euro)
- Een nieuwe binnenband of buitenband (passend bij de maat op je band)
- Een fietspomp met manometer
- Eventueel een steeksleutel of moersleutel (voor fietsen zonder snelspanner)
De bandmaat staat op de zijkant van je buitenband. Je ziet dan iets als “28 x 1.75” of een ETRTO-maat zoals “47-622”. Koop altijd een band met exact dezelfde maat. Een verkeerde maat past niet of zit niet veilig.
Fietsband vervangen: het stappenplan
De stappen hieronder gelden voor een standaard fiets met binnenband. Begin altijd met het wiel losmaken van de fiets.
- Wiel verwijderen. Bij een voorwiel draai je de moeren los of open je de snelspanner. Bij een achterwiel moet je ook de ketting losmaken. Schuif de ketting van het kleinste tandwiel af en haal het wiel naar achteren uit de vorken.
- Resterende lucht eruit laten. Draai de ventieldop eraf en laat alle lucht uit de band.
- Buitenband van de velg halen. Steek een bandlichter onder de rand van de buitenband (het wulstje) en haak hem vast aan een spaak. Doe dit op een tweede plek iets verderop. Trek daarna de rand van de buitenband over de rand van de velg. Dat vraagt wat kracht, maar doe het voorzichtig zodat je de binnenband niet doorprikt.
- Binnenband verwijderen. Trek de binnenband voorzichtig uit de buitenband. Begin bij het ventiel: duw het ventiel naar binnen en trek de band eruit.
- Nieuwe binnenband monteren. Blaas de nieuwe binnenband een klein beetje op, net genoeg zodat hij zijn vorm aanneemt. Steek het ventiel door het gat in de velg. Leg de binnenband daarna rondom in de buitenband.
- Buitenband terugplaatsen. Duw de rand van de buitenband met je duimen terug over de velgrand. Begin tegenover het ventiel en werk naar het ventiel toe. Het laatste stuk is het lastigst. Gebruik bij voorkeur geen bandlichter bij dit stap, want je prikt zo snel een gat in de nieuwe binnenband. Met genoeg duimkracht lukt het meestal ook zonder.
- Controleer de binnenband. Kijk rondom of de binnenband nergens tussen de velg en de buitenband ingeklemd zit. Draai het ventiel ook even terug zodat het vrij staat.
- Band oppompen. Pomp de band op tot de aanbevolen spanning. Die staat op de zijkant van de buitenband, in bar of PSI. Een stadsfiets heeft meestal 3 tot 5 bar nodig, een racefiets meer.
- Wiel terugplaatsen. Schuif het wiel terug in de vorken en zet de moeren of snelspanner goed vast. Bij een achterwiel hang je de ketting eerst terug om het kleinste tandwiel.
Alleen de buitenband vervangen
Wil je de buitenband vervangen omdat hij versleten is, maar is de binnenband nog goed? Volg dan dezelfde stappen, maar bewaar de oude binnenband. Blaas hem eerst helemaal leeg, haal hem eruit en leg hem opzij. Monteer de nieuwe buitenband, schuif daarna de oude binnenband er weer in en pomp hem op.
Buitenbanden slijten het snelst in het midden. Zie je daar een platte streep of scheurtjes in het loopvlak? Dan is het tijd voor vervanging. Een nieuwe stadsfietsband kost doorgaans tussen de 10 en 25 euro, afhankelijk van het merk en de kwaliteit.
Veelgemaakte fouten
De meeste problemen bij het vervangen van een fietsband komen door een paar vermijdbare fouten. Zo prik je met een bandlichter snel de nieuwe binnenband lek als je hem ook gebruikt om de buitenband terug te duwen. Zorg ook dat je de binnenband niet inknijpt tussen de velg en de buitenband, want dan heb je binnen enkele meters alweer een lekke band. En vergeet niet te controleren waarom de band lek was: als er nog een spijker of stuk glas in de buitenband zit, gaat je nieuwe binnenband ook snel plat.
Met een beetje oefening is een fietsband vervangen echt snel gedaan. De eerste keer duurt het misschien wat langer, maar na twee of drie keer doe je het in een kwartier. Handig om altijd een reservebinnenband en bandlichters mee te nemen op langere fietstochten.







